Om koekoekzilverpatrijs te fokken heb ik in 2002  een koekoekzilverpatrijs haan gekruist met 2 mooie zilverpatrijskleurige leghornkriel hennen die ik van dhr Cazemier heb kunnen lenen. In 2003 zijn deze 2 hennen (de laatste 2 zuivere zilverpatrijs Leghornkrielen?) helaas doodgegaan.

In 2003 heb ik koekoekzilverpatrijs gefokt met een fokonzuivere koekoezilverpatrijs haan (uit koekoekzilverpatrijs en zilverpatrijs) en hennen uit de kruising koekoekzilverpatrijs haan met koekoekpatrijs hennen.
 

Hieruit kwamen al enkele mooi getekende fokzuivere koekoekzilverpatrijs hanen en hennen maar ook zilverpatrijs hennen. Bij deze hennen zaten nogal wat fouten: slecht gepeperd en sommige hadden zelfs zwartekoppen. (foto rechts).
 

In 2004 heb met dezelfde fokonzuivere koekoekzilverpatrijs haan gefokt als in 2003 en de beste jonge koekoekzilverpatrijs hennen en met de beste zilverpatrijs hen. Dit laatste om behalve koekoekzilverpatrijs ook goede zilverpatrijs leghornkriel proberen te fokken.

De zilverpatrijs hanen die hieruit vielen waren erg slecht getekend en heb ik snel van de hand gedaan. De zilverpatrijs hennen zijn  gemiddeld naar mijn idee beter dan het jaar daarvoor, hoewel er nog heel veel verbeterd moet worden.
 
Een redelijke zilverpatrijs Leghornkriel hen

De laatste zilverpatrijs Leghornkriel hen is in 2006 dood gegaan. Om zilverpatrijs weer terug te fokken heb ik in 2007 koekoekzilverpatrijs haan gekruist met een patrijs hen. De henne kuikens hieruit zijn fokzuiver koekoekzilverpatrijs. De hanen die hieruit komen zijn (roodgeschouderd) koekoekzilverpatrijs welke zowel voor koekoek als voor zilver fokonzuiver zijn. In 2008 wilde ik zo'n haan terug zetten op een koekoekzilverpatrijs hen en eventueel een enkel kammige Twente kriel.


Ik heb hieruit een leuk haantje en 5 hennetjes gefokt. Toch kon ik niets met dit haantje omdat ik me later realiseerde dat koekoekzilverpatrijs 2 geslachtgebonden factoren heeft: zilver en koekoek. Zilverpatrijs mag alleen de zilverfactor hebben. Om uit dit haantje zilverpatrijs te fokken moest ik hopen op crossing-over en dan moet je zoveel dieren fokken, dat ik dat maar heb gelaten.
 

In 2008 ben ik op een andere manier begonnen met het terug fokken van de kleurslag zilverpatrijs. Ik heb hiervoor gebruikt een zilverpatrijs Drentsekriel haan (welke is gefokt uit zilverpatrijs en geelpatrijs Drentse krielen) en een zilverpatrijs zilverflitter Leghornkriel hen. T.o.v. de Drentse kriel zullen de leiblauwe benen weggefokt moeten worden. T.o.v. de Leghornkriel zilverpatrijs zilverflitter zal de flitter weggefokt moeten worden. Dit wil ik bereiken door de nakomelingen van deze kruising onderling te paren. En misschien levert dit ook nog geelpatrijs Leghornkrielen op.
 
Het eerste kuiken van deze kruising:
 

Inmiddels zijn er meerdere kuikens,waarvan 1 duidelijk bruiner is als de rest. Dit is een geelpatrijs hennetje.

 
Rechts een geelpatrijs hennetje.


 
Links zilverpatrijs haantje, midden geelpatrijs hennetje en rechts een zilverpatrijs hennetje.

De haantjes hebben witte benen, de hennetjes hebben leiblauwe benen. Dit geeft aan dat behalve de geslachtsgebonden zilverfactor er nog een geslachtgebonden factor in het spel zit. Hierdoor zijn de hennetjes niet bruikbaar voor het doel waar ik ze voor wil gebruiken, nl het fokken van zilverpatrijs Leghornkriel, omdat je zit met zowel het geslachtsgebonden zilver, als met het geslachtgebonden factor voor leiblauwe beenkleur.

 
De hennetjes krijgen flitter. Dit houdt in dat de flitter, dominant en  niet geslachtsgebonden is.

2009

Dit jaar gefokt met een haantje uit de kruising van 2008 en een wat klein gebleven grote zilverpatrijs hen:
 

De beenkleur wordt bepaald in de opperhuid en onderhuid:

Beenkleur: Onderhuid Opperhuid
Wilgengroen id+ w
Geel Id w
Leiblauw id+ W+
Wit Id W+

 
Geen wit (donker): id+ (deze is geslachtsgebonden)
Wit: Id (dominant)

Opperhuid:
Geen geel (wit): W(dominant)
Geel: w

Leiblauw-benige haan x geelbenige hen

  id+, W+ id|+, W+
Id, w Id/id+, W+/w (wit) Id/id+, W+/w (wit)
-, w -/id+, W+/w (leiblauw) -/id+, W+/w (leiblauw)


Wit-benige haan uit bovenstaande kruising x geelbenige hen

  Id, W+ id+, W+ Id, w id+, w
Id, w Id/Id, W+/w (wit) Id/id+, W+/w (wit) Id/Id, w/w (geel) Id/id+, w/w (geel)
-, w -/Id, W+/w (wit) -/id+, W+/w (leiblauw) -/Id, w/w(geel) -/id+, w/w(wilgengroen)

 


Op jonge leeftijd is al verschil in beenkleur waar te nemen. De donker gekleurde benen moeten hennetjes zijn.
 
 
hanen


 
hennen                                                    Hen (Foto: Kees de Groot)

Van de 17 kuikens waren 9 haantjes, 5 daarvan hadden gele benen en 4 hadden witte benen. Van de 8 hennetjes hadden 2 witte benen, 0 leiblauwe benen, 2 wilgengroene benen en 4 gele benen.
De 5 haantjes met gele benen had 1 haan een slechte kam, 1 was niet mooi verzilverd op de rug en schouders en 1 haan was behoorlijk getekend in de borst(flitter?)
 
Niet mooi verzilverd


 
Links niet mooi, rechts mooi verzilverd op rug en schouders

 
Getekende borst (flitter?)
De 2 overgebleven haantjes, samen met 2 hennetjes ingestuurd op de clubshow van de pluimveevereniging  in Vroomshoop.
De hennetjes kregen G92 en ZG93, De haantjes ZG94 en F96. Het laatste haantje werd tevens kampioen van alle dwerghoenders.